De Regge, parel in Overijssel

De Regge, parel in Overijssel

Twee weken na de zware tocht naar Rütenbrock, ga ik weer een lang weekend op pad. Dit keer de combinatie roetsen en kanoën. Brigitte is met haar muziekvrienden naar Vegesack, samen doen we de competitie wie het meest gaat genieten…

Ik vertrek donderdagmiddag 31 juli om half 2 op de roets, Westfriesland door, over de dijk Enkhuizen-Lelystad. Lelystad doorrijden heb ik afgezworen na talloze keren verdwaald te zijn. De keuze is of recregge plattegrondhts via de pas ontdekte Knardijk of links langs de jachthavens en het golfterrein. Ik kies links, wat niet de kortste route is. In Swifterband rond zeven uur bijtanken met een patatje & shake, dan via Dronten op zoek naar een camping. Kom ik zomaar op de camping waar het culturele evenement ‘Buitenkunst’ is. Ik doe net of ik dom ben en vraag of er wellicht regge cor en gerardeen plekkie vrij is. Niet dus, maar er zijn nog wel andere slaapplekken. Verderop vind ik een heerlijke boerencamping. De campingbazin is erg aardig en geeft me een rondleiding. ‘Pluk maar gerust van de pruimenboom en als je wilt mag je de campingstoelen gebruiken’, wat niet tegen dovemans oren is gezegd. Vrijdags vervolg ik mijn weg via het mooie Elburg. Een pitstop op het kerkpleintje van Epe en daarna via Oene het veerpont over de IJssel naar Olst en via een prachtige route fiets ik Overijssel in. Rond 5 uur kom ik in Hellendoorn aan bij camping ‘De Schaapskooi’.

 

Ook hier een bijzonder aardige campingbazin, een vrouw van 72 jaar die haar leven al op deze boerderij heeft doorgebracht. Jammer dat op het terrein alleen maar caravans en zestig-plussers staan, met een hoog elektrisch fiets gehalte. Het globetrotterpakket ‘couscous met sperzieboontjes’ wordt verorberd en om tien uur lig ik plat. Zaterdag even brood en bier inslaan, spullen inpakken. Rond het middaguur komt Ingmar met z’n Canadese kano. De auto mag bij ‘De Schaapskooi’ geparkeerd worden, terwijl m’n trouwe roets in de schuur logeert. Via een klein slootje varen we de Regge op, stroomafwaarts naar het noorden.

Tjonge die Regge is nog mooier dan de Hunze…. Slingerend door een ruig landschap met veel bomen. Jawel, hangmat waardig en ook nog eens oevers waar je gemakkelijk kan aanleggen. Bij de stuw van Hankate leggen we de Canadees op het karretje en lopen een kilometer over de weg naar het Overijssels kanaal. Dat scheelt een extra keer in en uit tillen. Via dit kaarsrechte kanaal met veel riet begroeide oevers, vinden we de steigers om de boot naar de Linderbeek te verplaatsen.

Het mooiste gedeelte van de Regge tussen de bomen

Het mooiste gedeelte van de Regge tussen de bomen

Dan is het nog een klein stukje varen om bij de gelijknamige camping te komen. Het dreigende onweer is meegevallen, het noodweer zit elders. Ik zet m’n MSR tent op en Ingmar z’n tarp                op het mooiste plekje van deze super boerencamping. Zo hebben we fraai uitzicht over de beek en het pas aangelegde eilandje.

Op uitnodiging van ons komen Ingmar’s  ouders ook bij ons kamperen. Vader Gerard vaart zondag met ons terug naar camping ‘De Schaapskooi’, moeder Ans gaat aan de wandel. De tocht met z’n drieën is zelfs nog mooier dan de vorige dag. Na de Linderbeek tillen we de boot weer in de Regge.

Hier is de rivier paradijselijk, wanneer hij door een bebost terrein slingert. Dat geeft gelijk wat verkoeling want de temperatuur is richting de dertig graden gestegen. Bij de stuw van Hankate, zwem ik drie kwartier, pakweg drie kilometer. Genieten!

Wanneer we ‘De Schaapskooi’ zien, duiken Ingmar en ik opnieuw de Regge in. Gerard vaart de boot even in z’n eentje, terwijl wij het laatste stuk zwemmen. Nadat de Canadees op de auto is geladen, rij ik op de roets terug naar camping ‘De Linderbeek’ We drinken wat, trekken een blik erwtensoep open en nemen afscheid van Ingmar’s ouders. De roets gaat bij Ingmar in de auto en om tien uur ‘s avonds zijn we terug in Tuitjenhorn.

De spulletje overzichtelijk uitgestald met op achtergrond de 'tent' van Ingmar.

De spulletje overzichtelijk uitgestald met op achtergrond de ‘tent’ van Ingmar.

Maandags heb ik nog een vrije dag, dus besluit ik nog één nachtje te kamperen. In het schemerdonker rij ik naar camping ‘De Lepelaar’ in St. Maartenszee en vind met behulp van een zaklamp nog net een plekje op de overvolle camping. Om niet de illegale asociaal uit te hangen, meld ik me de volgende morgen netjes bij de receptie. Dat kost me 21 euro’s voor eigenlijk een ongezellige camping.

Heimwee naar vroeger tijden bracht me terug, maar voortaan kies ik de boerencamping, waar je voor amper 10 euro kampeert. De keuze voor ‘De Lepelaar’ kwam voort uit het feit dat hij in de duinen ligt. Aan zee dus, hoewel het nog een pittig eindje wandelen was. Voor ‘t eerst deze zomer duik ik de zee in; het is heerlijk water.  De spullen worden ingepakt en ik verlaat met een gevoel van ‘vroeger-was-alles-beter’ de camping ………..

Daarna speel ik nog even de toerist en koop lekkere broodjes in Callantsoog. Voor echt het laatste vakantiegevoel neem ik het pontje over het Noord-Hollands kanaal om weer thuis te komen.

Toevallig is Brigitte ook net gearriveerd en de rest van de dag wisselen we onze ervaringen uit…..

De kanobijbel van Frank en Jolanda (hoeveel nog te gaan?)

De kanobijbel van Frank en Jolanda (hoeveel nog te gaan?)

Opnieuw een tocht uit de kano bijbel. Net als de Hunze is de Regge een rivier die dankzij miljoenen overheidsgelden weer teruggebracht is in zijn oorspronkelijk vorm. Dus waar hij werd gekanaliseerd, kwamen de meanders weer terug. Op de luchtfoto mooi te zien. Frank van Zwol, schrijver van het boek ‘Kanoparadijs Nederland’ heeft mijn verslagje gelezen. Hij zei: ‘Je moet ook zeker de Dinkel eens bevaren; die is misschien nog wel mooier dan de Regge’. Eerder gaf hij al aan ‘de Ruiten Aa moet je ook doen’. Nou, dat zijn dus nog zeker twee tochten die we gaan varen….

 

 

          

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *