Categorieën
Schaatsen Sport

Als er ijs ligt, worden ze stapelgek!

‘Zin om een paar dagen te schaatsen Cor? Morgen rij ik met de camper naar Friesland’’ Tijdens het bomen spitten verraste mijn neef Gerard me met dit telefoontje. ‘Even thuis overleggen, maar reken maar van yes!’. Brigit weet al dat het onbegonnen werk is om mij tegen te houden: ‘Als er ijs ligt worden die mannen stapelgek…!’

Met het schaatsavontuur krijg ik van Gerard er nog een extra kadootje bij: overnachten in een camper. Toevallig was ik pas nog met hem naar de film ‘Nomadland’ geweest. Een documentaire over Amerikanen die hun camper als woonhuis hebben. Zo kan ik in het echt ervaren hoe het is om met kou hierin te bivakkeren.

Donderdag half vier m’n eerst schaatsrit van dit jaar op de Brekken bij Sneek.

Donderdagmiddag rijden we de Afsluitdijk over om een plek in Friesland te vinden waar geschaatst kan worden. Drie nachten vorst zou dat genoeg zijn? Op de meren en vaarten lukt dat zeker nog niet. Bij Sneek, achter het Van der Valk hotel kent Gerard een ondiepe plas, de Brekken. We zien een paar schaatsers, we zitten goed, hier kan het! Het ijs ligt er prima bij, maar is nog dun. Het kraakt af en toe, dus niet te dicht bij elkaar staan. We rijden een paar uur rondjes totdat het gaat miezeren. Tis mooi geweest voor vandaag, hopelijk slaat het weer om en komt de beloofde vorst vannacht.

Wij zijn van de luxe-camperaars, koken niet ons eigen potje maar laten ons verwennen. In de binnenstad van Sneek vinden we een lekkere eettent en gaan nog wat shoppen.

Dan komt het moment: waar zetten we de camper? Door schaatsgesprekjes wisten we dat in de Rypstjerker polder gereden werd. De camping Kleine Wielen ligt hier vlakbij. De camper parkeren en proosten op deze prima tukplek. Bij het kamperen rol ik in no-time in m’n tent, dat is bij de camper van Gerard andere koek. Nadat hij met moeite de slaapbank uitgeklapt had, mag ik in de nok liggen. Best een dingetje om daarin te komen. Volgens Gerard was de nok nog nooit als slaaplek gebruikt. ‘Ik ben benieuwd of je erin komt, normaal slingeren we onze tuinstoelen erop’. Met hulp van de huishoudtrap weet ik met moeite naar boven te klauteren, maar eenmaal daar was het er goed uit te houden. Met onze mobieltjes sturen we de foto’s en filmpjes de wereld in en slaag voor workshop ‘foto collage maken’.  

Vrijdag schaatsen in de Rypstjerker polder met die mooie molen.

Na een niet al te koude nacht zijn we benieuwd hoe de ijsvloer er bij ligt. Helaas op de plas de Grote Wielen wordt nog niet geschaatst, maar op het ondiepe plasje dat er bij ligt kan het wel. Het is een fotogeniek plekje met een molen op de achtergrond. Uitnodigend staan er bankjes van het Friyske Gea (Friese landschap). Op het voorste gedeelte zie je de meeste schaatsers, een enkeling zie je verderop rijden.

Ik spreek een man met schaatshelm. Ook een Noord-Hollander. Nadat al z’n schaatsmaten afhaakten, is hij vanmorgen vanuit Uitgeest in z’n eentje op de gok hierheen gekomen. Met de man schaats ik naar de plas waar niemand durft. Hij geeft mij z’n mobiel om wat opnames te maken, maar schaatsend ga ik onderuit. Oei, dat gaat maar net goed. M’n achterhoofd tikt de ijsvloer aan (een helm is zo gek nog niet….). Ik schrik, het ijs kraakt maar ik kom weer overeind. Toch maar op het kleine plasje rondjes rijden, maar na een half uurtje is het mooi geweest. De molen wil ik van dichtbij zien en loop er heen. In 1981 is hij verplaatst staat op een bordje, meer info lees ik op internet.

Gerard twijfelt om nog een ander schaatsstekkie te zoeken. Zal er zaterdag op meer plekken geschaatst worden en plakken we er nog een nacht aan vast? We besluiten toch maar naar huis te rijden. Mijn lijf voelde niet meer 100% en mag wel wat rust hebben.

Over de Over Ypeymûne (Ypey-Mole, Ypeymolen):

De in 1858 gebouwde molen stond eerst in park Vijversburg te Zwartewegsend tussen de bomen en bemaalde het park met omliggende landerijen. Het park Vijversberg ook wel Bos Ypey genoemd was toen in eigendom van de Stichting Op Toutenburg. In de herfst van 1958 kwam de molen buiten gebruik te staan vanwege roedebreuk. In 1959 volgde herstel, echter met te korte roeden om de baldadige jeugd te beletten de molenwieken te beklimmen. In november 1970 speelden kinderen met vuur in de vijzelbak. Door alert optreden van de brandweer bleef de molen voor de ondergang gespaard. In 1981 werd de molen verplaatst en gerestaureerd en heeft nu weer een bemalingstaak en kreeg toen als naam Ypey-Mole. De molen is sinds 1982 in bezit van de Stichting De Fryske Mole en bemaalt een natuurgebied, een z.g.n. zomerpolder. ’s Winters komt hij veel in beeld in de media, omdat bij de molen meestal voor eerst geschaatst kan worden op natuurijs. De molen staat ten noorden van de snelweg tussen Leeuwarden en Groningen.

Één reactie op “Als er ijs ligt, worden ze stapelgek!”

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *