Het zal je maar gebeuren, je bent op vakantie en verveel je te pletter. Misschien ga ik daarom zo graag op kampeertrektocht. In de winter is me dat een tikkie te fris, maar gelukkig daar is Vobula: een natuurwerkweek met overnachting in je tent of een Nivonhuis. Vorige week deed ik dit voor de vijfde keer en het was mooier dan ooit.
Dit keer waren we te gast bij het Natuurvriendenhuis De Bosbeek op Veluwe. Samen met Teun, Wim en Ingmar reden we er zondag naar toe. We zijn met een flinke koppel, 21 deelnemers. Net als vorig jaar is mijn MeerBomenNu-vriend Jan en vakantievriend Arend ook van de partij. Maar wie zullen die anderen zijn? Om met elkaar kennis te maken had begeleider Erik ’s avonds iets leuks bedacht. ‘Pak een tekening en vertel wat dit met jouw te maken heeft’. Ik pakte een plaatje van een klok en vertelde: ‘Het meest kostbare heb ik hier in handen: tijd. Vroeger altijd schaars maar gelukkig nu heb ik er geen gebrek meer aan en vertelde hoe ik met deze kostbare tijd omga’.


Volgens onze werkweek begeleider Erik scheelde het maar weinig of het kamp was niet doorgegaan wegens gebrek aan klussen voor zo’n grote groep. We kregen te horen wat de weekinvulling was. De helft kon o.l.v. Dick bij de Bosbeek aan de slag en de anderen gingen op locatie helpen met hoogstam fruitbomen snoeien (Renkums Beekdal), bomen verwijderen bij Staatsbosbeheer (Oostereng) en landgoed Quadenoord.
’s Avonds kreeg Arend te horen dat zijn kamer dubbel geboekt. ‘Kan ik bij jou op de kamer Cor? Maar ik ben wel een snurker’. Geen punt Arend, slaap ik wel doorheen. Zo kon ik stiekem een hoofdstuk lezen van zijn boek ‘Erik Scherder – Liever moe dan lui, blijf denken’, dat de hele week op het nachtkastje lag… De rest van de week brengen we in de praktijk dat moe zijn helemaal niet zo beroerd is.

Maandagochtend sneeuw, maar het werk kan doorgaan. Ik sluit me aan bij de groep om het voetbalveldje op te knappen. Eerst omspitten, want de grond is keihard en daarna ophogen. Hierna help ik met Jan de boomkruipers. Een boom (Amerikaanse eik) moet eruit, eentje klimt erin, zaagt terwijl de andere kruiper het hout op de grond zaagt. Wij zorgen voor de veiligheid.


’s Middags doen we met IVN gids en boekenschrijver Ruud Schaafsma een interessante wandeling. Over het gebied lees ik: ‘Hier draaiden negen watermolens op drie bekenstelsels, graan-, olie- en vooral papiermolens. Uit de molens groeide de papierfabriek. In 2013 werd industrieterrein Beukenlaan teruggegeven aan de natuur’.

Het prachtige landgoed Quadenoord, daar heb ik met Arend en Teun zin in om aan de gang te gaan. Stijn, zoon van de eigenaar familie Koker vertelt dat er een opschot van dennen langs een pad gezaagd moet worden. De mooie dikke rechte stammen nemen we op de aanhangwagen mee terug, de dunne gaan het bos in. Na een uurtje zagen is het koffietijd. Niet terplekke maar we rijden met de auto terug naar de werkschuur.

Na een ochtend werken op het landgoed hebben we nog genoeg energie om op excursie te gaan. Samen met Wim, Teun en Suzan rijden we naar het arboretum Oostereng. We zien honderden soorten bomen die door zo’n dertig vrijwilligers worden onderhouden. Ooit in 1911 aangelegd en vele jaren vergeten. In 2011 nam een groep natuurliefhebbers het onderhoud op met het vrijstellen van de nog aanwezige bijzondere bomen. Dode bomen blijven meestal liggen, ze zijn belangrijk voor vogels, insecten en paddenstoelen. Opslag van ongewenste soorten wordt verwijderd en elk jaar worden nieuwe soorten aangeplant.
Dinsdagavond krijgen we van Jan een feestmaal voorgeschoteld. Dat is nog eens wat anders dan de bonen, nassi/bami die ik met Teun en Wim at.


Natuurwerk doen op locatie, dat smaakt naar meer. Woensdag ga ik met o.a. Arend, Ingmar en Teun naar het ‘Mierenreservaat’. Het is even zoeken waar in het bos dat reservaat moet zijn. Daarna lopen met spades naar het dichtgegroeide heideveld waar we de opschot van vuilbomen eruit spitten.

Er is onderzoek gedaan naar de soorten mieren die hier leven. In deze strook van 700 meter zijn 28 soorten mieren te vinden. Ze leven op schrale heidegrond, dus bomen moeten eruit. De vuilbomen belanden op een grote stapel, maar zo’n 200 weten we te redden. In bossen van 20 nemen we ze mee en kuilen ze bij de Bosbeek tijdelijk in.



’s Avonds vervelen we ons niet. Lekker kletsen of serieuze gesprekken met iedereen in het Nivon huis, Olympische spelen schaatsen kijken op tv en spelletjes spelen. Tineke en Adriaan hebben het spel ‘Take five’. Jan en Teun schuiven aan. Bij de andere tafel veel herrie, want hier wordt het muziekspel Hitster gespeeld.

De klus van donderdag. De hele ochtend sneeuwt het, dus van Erik krijgen we ijsvrij. Helemaal niet erg, zo’n luierdag. In de middag maak ik met Jan, Wim en Teun een wandeling in de buurt. Tineke kwam met het idee om eind van de middag met z’n allen pannenkoeken te eten. Om half 5 uur is er weer schaatsen op tv. Wandelaarster Linde schuift aan, ze weet veel van sport en lust ook graag pannenkoeken.
‘Als je belooft om ook bij Vobula te komen, mag je gezellig met mee-eten’. Dat slaat Linde niet af. Aan tafel vraagt ze iedereen de hemd van het lijf, waaronder hoe Erik en Saskia elkaar ooit bij Vobula hebben ontmoet…

Vrijdag gaat een deel van de ploeg bomen uitdunnen voor Staatsbosbeheer. Ik blijf op ons terrein, want de vuilbomen moeten nog een nieuw plekje krijgen. Dick zegt waar ze mogen staan, Adriaan, Tineke, Suzan en ik planten ze met liefde erin.

Hierna help ik met zandspitten voor het voetbalveld en daarna nog even de jonge aanplant van compost voorzien en het werk zit erop.

Topfotograaf Ingmar stuurde zondag nog een aantal leuke foto’s ‘heb je nog ruimte in je plakboek?’. Plek zat in deze blog, hier komen ze:



4 reacties op “Liever moe dan lui?”
Een topverhaal Corretje!!👍
Een superverslag van een fantastische week!
Dank voor het delen Cor.
Wat een leuk verslag!
Alleen die titel, die moest natuurlijk andersom: “Liever moe dan lui!”
Heeeee Cor,
Mooi verhaal man over een fantastische week waarin het heerlijk was om moe te zijn!